Laatste posts

Hanging out & doing stuff

Deze niet-wetenschappelijke definitie van een antropoloog past me als een jas. Ik las deze zin in het boekje ‘Think Like an Anthropologist’ van Matthew Engelke. Op de achterflap staan de vragen te lezen hoe antropologie ons kan helpen begrijpen wie we zijn, wat het ons kan vertellen over cultuur, niet alleen ver weg maar ook dicht bij huis, en waarom dat zo belangrijk is. Mijn hartje bloeide opnieuw op bij het lezen hiervan, wat een prachtig vak!

Hanging out & doing stuff dus maar wel met inachtneming van het behouden van enige kritische afstand. Volledig erin meegaan, going native, betekent dat je het overzicht verliest, dat je onderdeel wordt van je onderzoeksgroep. Hanging out lijkt soft maar bedenk dat het grootste gedeelte van onze communicatie non-verbaal is en dus veel informatie geeft over intenties, emoties, en meningen. Mits je ervoor openstaat natuurlijk. Oog voor diversiteit is van belang, het maken van keuzes en bovenal een holistische insteek: zien hoe alle delen als puzzelstukjes bij elkaar komen en het geheel overzien. Niet denken in verschillen maar in overeenkomsten, in wat ons bindt dus waardoor we met elkaar door kunnen en -willen in plaats van dat we van elkaar vervreemden. Doing stuff relateer ik aan het doen van interventies in de zin van achter je eigen beweegredenen staan en die van het team en verantwoordelijkheid nemen voor de daarbij behorende beslissingen en acties.

Cultuur en interactie zijn meer dan ooit thema’s in mijn werk, zowel in mijn coachingpraktijk als in mijn kunstprojecten. Vandaar dat ik dit nieuwe werk deze titel heb meegegeven. De kat met negen levens op een achtergrond van omgevallen bomen na de krachtige storm die eind januari dit jaar over ons land raasde. De kat symboliseert voor mij beweging, meebewegen, het steeds weer oppakken van nieuwe uitdagingen ook na een eventuele tegenslag. Het leven met open ogen tegemoet zien en er iedere keer opnieuw voor gaan. Nieuwe vaardigheden ontwikkelen, oude vaardigheden inzetten in nieuwe omgevingen, jezelf opnieuw uitvinden en daarvan genieten. Hanging out, zien wat er speelt en wat er op je pad komt en daar op inspelen, uitdagingen aangaan en gewoon je ‘stuff’, jouw ding, doen. In interactie met anderen en daarmee iets bijdragen aan een beetje meer begrip voor elkaar en de wereld om ons heen.

Ik ben begonnen als antropoloog, werd HRD-consultant, gericht op de ontwikkeling van mensen en het afstemmen van mensen, doelen en organisatieculturen en heb me verder ontwikkeld als fotograaf en kunstenaar. Deze vaardigheden combineer ik nu in onder andere workshops fotografie en storytelling voor scholieren. Communicatie en zelfbeeld zijn hierbij belangrijke onderwerpen met de focus op wie je bent en wat je gewild en ongewild uitstraalt in het dagelijkse leven maar ook op social media. De workshop fotografie en storytelling voor teams richt zich op het met elkaar uitdragen in wat je als team wilt bereiken en uitstralen, met als gezamenlijke uitkomst een visualisatie hiervan. Een interessant traject dat de teamgeest zeker zal bevorderen omdat je met je teamgenoten ontdekt en -deelt wat een ieder beweegt en welk doel je met elkaar nastreeft!

I feel fine…

Reizen heeft me altijd goed gedaan. Ik ben niet voor niets ooit antropologie gaan studeren. Ik ben benieuwd naar wat mensen beweegt en waarom ze de dingen doen die ze doen. Ik wil begrijpen wat motieven zijn voor acties met alle schokkende- en niet schokkende gevolgen van dien…

vrouw-bij-tigernest-2

Hier beklommen we samen met vele Bhutanen het beroemde Tigernest Taktshang,  één van de Tibetaans boeddhistisch kloosters in de bergstaat Bhutan. Het heeft zeven tempels en er was een ceremonie gaande vandaar de drukte. De naam Taktshang betekent Tijgernest. Het is tegen de rotsen opgebouwd en hangt 700 meter boven de Parovallei. Heel indrukwekkend. Er gaat een lang, stijl pad naartoe dat, toen wij er waren, door de regen glibberig en modderig was geworden waardoor het lopen behoorlijk spannend was. Het was echter alleszins de moeite waard. Niet alleen door de prachtige natuur met de ‘baarden’ aan de bomen en het prachtige klooster met alle tempels, ook door de verhalen van de mensen die keer op keer dit traject aflegden omdat nu eenmaal geldt dat hoe zwaarder de tocht is die je aflegt, hoe beter het is. Het levert je veel credits op voor het opmaken van de balans voor je volgende leven.

Blessings from Bhutan

In mijn laatste project, Blessings from Bhutan, heb ik me laten inspireren door de vele kleurrijke wapperende vlaggetjes die we onderweg, tijdens onze reis door Bhutan, zijn tegengekomen. Ik kon er nooit zomaar aan voorbij gaan. De kleuren, de rivier, de bergen die worden verbonden door de vlaggetjes, de houten bruggen, de rotsen, en de rust en sereniteit ervan, raken me. Symboliek en verhalen uit andere werelden is iets dat steeds weer terug komt in mijn werk. Denk maar aan de vissen die ik heb gefotografeerd en geschilderd.

Gebedsvlaggetjes intrigeren me al heel lang. Het ophangen en de achterliggende gedachten horen bij het dagelijkse leven dat zo anders is van ons Westerse doen en laten. Ik wilde dit heel graag een keer beleven en we kozen voor Bhutan omdat het zo klein en ongerept is. Een mooi moment was het ophangen van onze vlaggetjes op de hoogste pas tussen Punakha en Bhumthang, een hoogte van 3400 meter. We hadden ze in Bhumthang gekocht. Een vriendin, die hier nooit zal komen, had me gevraagd dit te doen. Het verhaal wil dat de gebeden door de wind worden verspreid en geluk en voorspoed verspreiden. Hoe hoger ze worden opgehangen, hoe groter het bereik.

Gebedsvlaggetjes worden verondersteld vrede, compassie, kracht en wijsheid te verspreiden. Tibetanen en Bhutanen geloven dat bij het wapperen in de wind de gebeden en mantra’s opstijgen naar de goden, die voorspoed brengen aan de ophanger, zijn familie, vrienden, bekenden en zelfs vijanden. Dat spreekt me aan. Door de vlaggetjes op hoge plekken op te hangen kan de ta, het windpaard, de zegeningen naar alle levende wezens brengen. Daarbij wordt de lucht zelf ook nog eens door de vlaggetjes gezuiverd.

Oude vlaggetjes verliezen vaak door weer en wind hun kleuren. Men gelooft dat dit komt doordat de gebeden langzaam worden opgenomen in de omgeving. Net als het leven een cyclus van dood en wedergeboorte is, hangen de bewoners nieuwe vlaggetjes op naast de oude, om het zelfvernieuwende aspect van het leven te symboliseren.

Traditioneel komen gebedsvlaggetjes in sets van vijf, van elke primaire kleur één plus wit en groen. De vijf kleuren staan voor de vijf elementen. Blauw staat voor “hemel”, wit voor “wind”, rood voor “vuur”, groen voor “water” en geel voor “aarde”. De vlaggetjes met deze vijf kleuren werden door priesters gebruikt bij rituele ceremoniën. Volgens de Tibetaanse geneeskunde is gezondheid het gevolg van harmonie en evenwicht tussen de vijf elementen.

Meetings@Rotenboden

Op vakantie in Zwitserland heb ik altijd mijn camera bij de hand. Je weet zo’n beetje wat je tegenkomt, maar niet wie je tegenkomt. Het was, zoals altijd in dit gebied, stormachtig en stil en dat is waarom ik me er iedere keer weer op verheug om ‘het rondje’ te lopen. En in dit wandelgebied bij Rotenboden naast mijn favoriete rodelbahn, zie je dus altijd de imposante Matterhorn liggen. Overal steekt deze karakteristieke berg zijn kop op en vanaf de Zwitserse kant is deze enorm fotogeniek. Vanaf de Italiaanse kant is het een anonieme, onherkenbare berg…

Ik kwam al snel Japanners tegen die zo vrolijk kwamen aanlopen dat ik ze gevraagd heb of ik ze op de foto mocht zetten. Geen probleem, ze gingen er lekker voor staan en beoordeelden de foto’s mee. Daarna besloot ik dat ik iedereen die mij tegemoet zou komen, dus vanuit de tegengestelde richting, zou vragen om op de foto te gaan met de Matterhorn op de achtergrond. De Zwitsers uit Zurich en Genève, let wel geen natives want we zijn hier in Wallis, hadden er ook geen enkel probleem mee om op de foto te gaan. Zowel de Japanse als de Zwitsers vonden echter wel dat ik, om de serie compleet te maken, ook op de foto moest. Zo gezegd zo gedaan. De Duitsers die ik ontmoette wilden niet worden vastgelegd. Zij waren op een jubileumreis met z’n tweetjes en niemand wist dat ze hier waren en dat wilden ze graag zo houden. Even goede vrienden!

Een paar dagen later was het een prachtig zonnige dag en het stormde nu nog meer dan eerder deze week. Dat maakte het heel erg koud. Het was prachtig om er te zijn tussen de bergen met de stuivende sneeuw en  de heldere blauwe lucht, om heuvel op en heuvel af te klauteren. Deze keer kwamen twee mannen uit Jordanië met statief en fototoestel mij tegemoet, de één in een spijkerbroek en de andere in een trainingsbroek. Behoorlijk underdressed voor de temperatuur van dit moment. Ze vertelden, toen ze hoorden dat ik uit Nederland kwam, dat ze een dag eerder uit Amsterdam waren gekomen en de volgende dag zouden doorreizen naar Rome. Ze hadden zich vooraf geen voorstelling kunnen maken van de prachtige vergezichten en de heftige weersomstandigheden maar hadden de bijtende kou uiteindelijk graag over voor een mooi beeld van de legendarische Matterhorn.

 

Portretten en straatbeelden: contact maken

Wat spreekt me zo aan in het maken van portretten en straatbeelden? De interactie met de geportretteerde en het contact dat ontstaat, ook als je elkaars taal niet spreekt.

Foto’s krijgen iets extra’s als dat gesproken of ongesproken contact tot stand komt. Ik beleef heel veel plezier aan het contact maken, een connectie voelen, iets creëren om dat vervolgens tot uitdrukking te brengen in de beelden. Ik weet over het algemeen zonder te kijken welke beelden de moeite waard zijn. Sterker nog, ik voel zonder te kijken of de geportretteerde het ook leuk vindt. Samen genieten is zo veel beter!

Winter in Beijing

De beste reistijd in Beijing? Zeker niet de winter, zo valt overal te lezen… Ik was echter in de gelegenheid om in januari te gaan en ik kreeg al snel visioenen van sneeuw op de Chinese muur, sneeuwbeelden bij de vele tempels en wintertaferelen zoals schaatsen en ijszwemmen op het Kunming meer bij het zomerpaleis in het Noorden. Een beetje anticyclisch denken bevalt me over het algemeen heel goed dus ik ben gegaan.

 

Maar, er was geen sneeuw. Wel was het heel erg koud, minus 12 graden Celsius, met een gevoelstemperatuur van soms wel minus 22 door de stevige landwind uit Mongolië. Eigenlijk te koud om stil te staan bij de prachtige details van de verboden stad. Een groot voordeel was wel dat het er niet zo druk was als in de zomer. Geen rijen en dus alle gelegenheid om op je gemak rond te lopen.

Er was nog iets bijzonders: prachtige blauwe luchten vanwege diezelfde kou en hele gezonde luchtomstandigheden. Min of meer on-Chinees als ik de media en mensen mocht geloven. Hoewel de luchtcondities dus goed waren, kreeg ik bij aankomst, waarschijnlijk uit gewoonte, toch een gezichtsmasker aangereikt. Ondanks de kou heb ik er op los gefotografeerd, want met die eerder genoemde blauwe lucht, kwamen de felle kleuren van de verboden stad en de tempels prachtig tot hun recht. Ik ben warm aangekleed op pad gegaan en kon mijn camera goed bedienen met dank aan de vooraf gekochte speciale handschoentjes. Toch een vooruitziende blik gehad.

 

Eigenlijk is dit precies hoe ik een stad graag bezoek, niet met mijn neus in een reisgids maar genietend van wat er op mijn pad komt. Natuurlijk wel met een plannetje in mijn hoofd maar met voldoende ruimte om daarvan af te wijken en mee te bewegen met de dynamiek ter plekke. Ook heb ik dankbaar gebruik gemaakt van tips van bekenden, bekenden van bekenden en onbekenden. En een overzichtskaart van de metro en het adres van het hotel in het Chinees had ik altijd bij me want Beijing is enorm groot en met slechts een paar woorden Chinees kom je niet ver.

 

Ondanks de kou heb ik genoten van de mooie plekken, de oude cultuur, de musea, de tegenstellingen tussen oud en nieuw, de mensen die ik heb ontmoet, de hotpot om warm te worden en de de fraaie wintertaferelen op het bevroren meer. Beijing in de winter is heel erg de moeite waard!!

 

 

Tsukiji Fish Market in Tokyo

Je onzichtbaar maken en meebewegen is één van de lessen die ik goed in mijn oren heb geknoopt. Een uitgangspunt bij het maken van reportages. Opgaan in de omgeving zodat mensen gewoon hun ding doen en blijven doen zonder zich aan mij of mijn fototoestel te storen…

Zo kwam ik ogen en oren te kort op de tonijnveiling op de Tsukiji Fish Market in Tokyo. Oorspronkelijk zou de markt in november 2016 worden verplaatst naar een locatie aan de rand van de stad. Dit is echter voor onbepaalde tijd uitgesteld. Het is één van de meest authentieke attracties van Tokyo, bovendien gratis. Je moet er wel vroeg voor op want er wordt maar een beperkt aantal toeschouwers toegelaten.

Ik ben dan ook vroeg opgestaan, al om 2 uur ’s nachts. De veiling is pas om 5 uur maar aangezien er maar 120 mensen in mogen moet je dus op tijd zijn. Niks blijkt minder waar, het is al snel vol. Ik mik op de tweede groep van 60 personen want ik heb gehoord dat de tonijnen in die tweede ronde groter zijn. Het lukt, ik kijk mijn ogen uit en wacht. Een visser geeft uitleg, zijn rubberlaarzen zijn brandschoon. Hij koopt een of twee tonijnen per dag die hij levert aan restaurants en particulieren.

Uiteindelijk mogen we om 5.50 uur naar binnen. Het kleine stukje dat we over het terrein moeten lopen om bij de veiling te komen is goed geregisseerd en wordt bewaakt door serieuze bewakers, want de typische karretjes met de cilinders voorop kunnen erg gevaarlijk zijn.

Het is een indrukwekkend schouwspel, eerst wordt door de kopers, ongeveer 800, de kwaliteit van de tonijnen bekeken. Ze mogen hiervoor een stukje van de staart testen, erg belangrijk want als je een mindere kwaliteit koopt maakt je geen winst. Er worden ongeveer 100 tonijnen geveild, in twee ronden. Dit is ongeveer in 10 minuten gedaan, met veel show en minimale handgebaren. Het vlees van de rug en de buik is het best en dus het meeste waard. Het kan wel tot 18.000 yen per kilo opbrengen, de staart is minder en levert maximaal 5000 yen op. De grootste tonijnen zijn ongeveer 230 kilo, met een prijs van 36.000 yen per kilo toch, omgerekend, een investering van zo’n 9.000 euro.

Na afloop dwaal ik door de naburige markt waar van alles te koop is, met de bijbehorende Shrine, welke de wijk moet beschermen. Tweemaal buigen, tweemaal klappen en dan nog een keer buigen. In de marktwijk ontbijt ik met sushi van witvis, erg lekker, en verser dan vers!